In de schooljaren 2014/2015 en 2015/2016 heb ik een korte periode met kinderen na schooltijd in een “Techniekclub” gewerkt.
Dat gebeurde dan zo’n 6 tot 7 weken lang op een vaste dag in de week. De kinderen die daar komen zijn afkomstig uit de basisschoolgroepen 6, 7 en 8.
De opzet is dat de kinderen onder begeleiding werkstukken maken. Het gaat hier voornamelijk om het plezier in het maken en het later gebruiken van de geproduceerde werkstukken. Tegelijkertijd worden hierbij spelenderwijs vaardigheden ontwikkeld.
Om maar te noemen: Tekening “lezen” en dat overbrengen op het materiaal. Massief hout en triplex bewerken door zagen, boren. Delen samenstellen door schroeven en lijmen. Complexere constructies samenstellen met voor-geproduceerde onderdelen en ook oplossingen vinden als iets niet goed blijkt te werken.
Het kennen en het gebruik van gereedschappen: Hand- of afkortzaag, kapzaag en figuurzaag. Handboor en handboormachine, kolomboor machine. Vijl, rasp en schuurpapier.
Zo produceerden we op die dagen tussen 15:30 en 17:00 uur o.a. Een lucht-aangedreven raceauto, een bewegende fantasie-vogel, een reuze wasknijper en een kotter (vissersboot).
Op de ideeƫnlijst staat ook het maken van een elektronische schakeling, door middel van het solderen van onderdelen zoals weerstanden, condensators, dioden en transistors.
Gastdocent
Eenmalig! Of smaakt het naar meer?
In november 2015 gaf ik als gastdocent in een groep 5 van de Anne Frankschool wat uitleg over het onderwerp “elektriciteit”. Dat onderwerp is eigenlijk nog wat hoog gegrepen voor groep 5, maar super-interessant vonden ze het wel.
Omdat 28 kinderen wel wat veel is om e.e.a. te laten zien, werd de klas gedurende twee middagen gehalveerd. De andere helft hield zich dan bezig met een wat klassiek onderwerp: Het bouwen van torens van papier. Het produceren van profielbalken van papier en het daarna plaatsen in een constructie werd met veel plezier gedaan.
Het zou bijvoorbeeld ook kunnen gebeuren op de Bethelschool in Beverwijk